ADV staat voor arbeidsduurverkorting. Kort gezegd: een medewerker werkt uren die op een ander moment worden opgenomen als vrije tijd. Dit zijn daarmee extra vrije dagen naast het reguliere vakantiesaldo.
Er zijn verschillende manieren waarop ADV wordt opgebouwd. Soms zijn hierover afspraken gemaakt in de cao of arbeidsovereenkomst. In andere gevallen ontstaat ADV doordat een medewerker meer uren werkt dan waarvoor hij of zij wordt uitbetaald. Werkt iemand bijvoorbeeld 40 uur per week, terwijl 38 uur wordt uitbetaald? Dan kunnen die twee extra uren worden opgebouwd als ADV.
Is ADV verplicht?
Niet standaard. Of je als werkgever ADV aanbiedt, hangt af van de afspraken binnen je organisatie. Staat ADV in de cao of arbeidsovereenkomst? Dan moet je je daar natuurlijk aan houden.
ADV en ziekte
Het werkt anders dan een vakantiedag. Wordt een medewerker ziek op een geplande arbeidsduurverkorting dag? Dan komt die dag niet opnieuw beschikbaar. Deze dag vervalt dus gewoon.
Ook tijdens ziekte worden geen nieuwe ADV-uren opgebouwd.
Dat is anders bij wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen. Daar gelden bij ziekte andere regels.
Kun je deze dagen uitbetalen?
Meestal niet. Ze zijn bedoeld om op te nemen als vrije tijd. Een medewerker kan ze dus doorgaans niet zomaar laten uitbetalen.
Leg daarom vooraf goed vast wat er met de ADV gebeurt. In de arbeidsovereenkomst kun je bijvoorbeeld opnemen wanneer opgebouwde ADV vervalt. Dat kan aan het begin van het nieuwe kalenderjaar zijn, maar ook een bepaalde periode nadat de uren zijn opgebouwd.
Bij uitdiensttreding ligt het iets anders. Je kunt afspreken dat niet-opgenomen ADV-dagen worden uitbetaald. Wil je dat mogelijk maken? Leg dit dan duidelijk vast in de arbeidsovereenkomst.
