Filter op categorieën

Nieuws

Praktische vragen bij volledig digitale oprichting bv

Ondernemers die een bv willen oprichten moeten dat later dit jaar helemaal digitaal kunnen doen bij de notaris. In een voorstel regelt het kabinet de wettelijke grondslagen hiervoor. Inmiddels is de internetconsultatie over dit voorstel afgerond. De reageerders zien nog wel wat praktische haken en ogen.

De keuze van een rechtsvorm voor de onderneming hangt van veel zaken af. De bv heeft als voordeel dat de ondernemer zelf in principe niet met zijn privévermogen aansprakelijk is voor schulden van de onderneming. Anderzijds moet een bv via een notariële akte opgericht worden, en dat kost geld.

Oprichtingsakte digitaal opgesteld en ondertekend

Op dit moment moet een ondernemer die een bv wil oprichten daarvoor ook persoonlijk langs bij de notaris. Maar door een Europese richtlijn moet Nederland vanaf uiterlijk 21 augustus 2021 ook een volledig digitale oprichting mogelijk maken. De Europese Unie wil op die manier vooral het mkb tegemoetkomen, omdat een online procedure tijd en geld scheelt. De ondernemer houdt ook straks de keuze om persoonlijk langs te gaan bij de notaris: de online oprichting is niet verplicht.
Nederland kiest er voor om vooralsnog alleen de oprichting van een bv volledig digitaal aan te bieden. Aan de hand van hoe dat loopt kunnen dan mogelijk andere rechtsvormen volgen. De oprichting verloopt volgens het voorstel straks nog steeds via de notaris, maar dan digitaal. Via een systeem dat de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) gaat beheren, wordt straks een digitale oprichtingsakte opgesteld en ondertekend. De oprichter moet inloggen met een elektronisch identificatiemiddel zodat duidelijk is dat hij het echt is. En het ‘verschijnen’ bij de notaris verloopt via een beeldverbinding.

Modelakte voor oprichting bv

Inmiddels is de internetconsultatie over het voorstel afgerond. In het algemeen vinden de reageerders het positief dat de oprichting straks digitaal kan. Maar er zijn nog wel vragen over de praktische uitwerking. Zo vragen enkele reageerders zich af welke eisen er straks gesteld worden aan de digitale handtekening die onder de akte moet komen.
Een inzender vraagt naar de termijnen om de akte af te wikkelen. De KNB zal een modelakte opstellen voor het oprichten van een bv. Voor natuurlijke personen die gebruikmaken van dit model zou de oprichting binnen vijf werkdagen geregeld moeten zijn. Bij rechtspersonen die een bv oprichten en in gevallen dat niet de modelakte wordt gebruikt is de termijn maximaal tien werkdagen. De reageerder vraagt zich af of er niet richtlijnen moeten komen over wanneer welke akte wordt gebruikt. Want de oprichter zal mogelijk liever kiezen voor het model omdat de termijn dan vijf dagen is. Terwijl de notaris misschien liever werkt met een eigen model en dan tien dagen de tijd heeft.

Identiteit vaststellen via beeldverbinding?

Ook zijn er vragen over de beeldverbinding. Het voorstel eist dat die een ‘natuurgetrouwe weergave biedt van wat zich op dat moment afspeelt in de ruimtes’ waar de oprichter zit. Volgens een reageerder is die omschrijving niet eenduidig genoeg. En dat is wel nodig, omdat een notaris in feite moet uitloggen als hij ziet dat de beeldverbinding niet aan de eisen voldoet. Een andere inzender wijst op het risico van zogeheten ‘deep fakes’, waarbij met software een persoon kan worden nagebootst. Mede daarom vraagt deze inzender om meer waarborgen voor de notaris waarmee hij de identiteit van de oprichter kan vaststellen.
Het ministerie van Justitie en Veiligheid zal de reacties nu gaan bestuderen en die mogelijk verwerken in een concept-wetsvoorstel. Normaliter komt het daarna aan bod in de ministerraad en vervolgens mag de Tweede Kamer zich erover buigen.

Bron: HR Rendement

Deel deze pagina:

Vrouwen met voltijdbaan scholen zich vaker bij dan mannen

Van de Nederlanders tussen de 25 en 65 jaar met een voltijdbaan doen vrouwen een stuk vaker aan om- of bijscholing dan mannen. Zo nam afgelopen vijf jaar gemiddeld 25,1 procent van de vrouwen met een voltijdbaan deel aan een opleiding of cursus, terwijl dit percentage onder mannen slechts 17,9 procent bedroeg. 

Dit blijkt uit een analyse van gegevens die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) hierover bijhoudt, die is uitgevoerd door opleidingsinstituut Competence Factory.

Flinke verschillen
Ook tussen Nederlanders met een deeltijdbaan blijkt dat de cijfers voor mannen en vrouwen flink verschillen. In de groep met een deeltijdbaan van 28 tot 35 uur per week volgden vrouwen bijvoorbeeld aanzienlijk vaker (24,4 procent) een opleiding of cursus dan mannen (20,7 procent). In de groep met een deeltijdbaan van 28 uur per week of minder volgden mannen juist een stuk vaker (25,9 procent) een opleiding of cursus dan vrouwen (19,7 procent).

Fulltime versus parttime
Suzan Steeman, arbeidsmarktexpert en coördinator redactie bij WOMEN Inc., geeft aan dat sectoren waarin vrouwen zijn oververtegenwoordigd mogelijk een verklarende rol spelen: “Wellicht dat met name in de zorgsector, waar veel vrouwen werkzaam zijn, bijscholing veel vaker voorkomt t.o.v. andere sectoren. Ook het onderwijs kent veel verplichte bijscholing en ook hier zijn vrouwen sterk oververtegenwoordigd. Bij de kleinere deeltijdbanen zien we juist het omgekeerde, namelijk dat mannen zich vaker laten om- of bijscholen dan vrouwen. Dit zijn echter de banen waar de meeste vrouwen in werkzaam zijn. Dit bevestigt wat wij vaak aangeven, namelijk dat vrouwen door deeltijdwerken minder kans hebben om een opleiding of cursus te volgen.”
In de groep werkende Nederlanders tussen de 25 en 65 als geheel, waarbij geen onderscheid wordt gemaakt tussen deeltijd- en voltijdbanen, blijkt ook dat vrouwen zich vaker om- of bijscholen. Binnen deze groep volgde 22,5 procent van de werkende vrouwen en 18,8 procent van de werkende mannen de afgelopen vijf jaar een opleiding of cursus.

Bron: Managersonline.nl

Deel deze pagina:

Werknemers willen niet meer fulltime naar kantoor

Werkgevers kunnen misschien niet wachten om weer een drukbezet kantoor in te lopen; de meeste werknemers denken daar anders over. Uit een peiling van vakbond FNV onder 5.300 leden blijkt dat slechts 10% weer fulltime naar kantoor wil. Voor de ondernemingsraad (OR) iets om rekening mee te houden bij het instemmingsverzoek op het thuiswerkbeleid.

Uit een peiling van vakbond FNV blijkt dat slechts 10% van de werknemers weer fulltime op kantoor wil werken. Het overgrote deel (70%) wil het liefst hybride werken (dus deels op kantoor en deels vanuit huis) en 20% wil alleen nog maar thuiswerken. De FNV-leden kijken ook positiever naar het thuiswerken dan vorig jaar. Nu geeft 78% aan thuiswerken prettig te vinden, vorig jaar was dat 66%. Ook geeft 30% aan geen of te weinig zeggenschap te ervaren in waar het werk plaatsvindt. Maar liefst 63% vindt dat er een wettelijk recht moet komen op thuiswerken, zodat werknemers meer inspraak hebben. FNV deed de peiling onder 5.300 leden uit de financiële sector, de zakelijke dienstverlening en (gemeentelijke) overheden die de mogelijkheid hebben om thuis te werken.

OR kan het beste de achterban raadplegen voordat de raad instemt

De OR heeft instemmingsrecht bij een thuiswerkregeling. Dit valt namelijk onder een regeling voor arbeidsomstandigheden (artikel 27, lid 1d van de Wet op de ondernemingsraden). Voordat de OR zich buigt over zo’n instemmingsverzoek, is het slim om de achterban te raadplegen. De OR kan daarmee de wensen en behoeften van de achterban inventariseren en bespreken met de bestuurder. Er gelden wel een aantal aandachtspunten voor de OR bij een achterbanraadpleging.

OR moet belangen van achterban én organisatie behartigen

De bestuurder doet er verstandig aan rekening te houden met de wensen van de werknemers. Tevredenheid van werknemers vertaalt zich namelijk vaak in een hogere motivatie en een lager ziekteverzuim. Wijkt het beleid dat de bestuurder voor ogen heeft erg af van wat de werknemers graag willen, dan staat de OR voor de uitdaging om zowel de belangen van de achterban als die van de organisatie goed te behartigen tijdens het overleg met de bestuurder. Het is voor de OR dan vooral zaak om te bekijken of de beoogde doelen van de bestuurder ook te realiseren zijn met alternatieven die beter aansluiten bij de behoeften van de achterban. Ook is het van belang om eventuele nadelen zo veel mogelijk weg te nemen of te beperken.

OR moet de verschillende belangen zorgvuldig tegen elkaar afwegen

De OR moet de verschillende belangen en doelen en de voor- en nadelen zorgvuldig tegen elkaar afwegen. Wat is volgens de bestuurder de meerwaarde van werken op kantoor? Zorgt werken op kantoor voor meer binding met de organisatie en met collega’s? Is dit ook met minder kantoordagen te bereiken? Een veelgehoord en belangrijk voordeel van thuiswerken is een betere werk-privébalans voor werknemers. Bovendien kan het de bestuurder een kostenbesparing opleveren, omdat hij minder kantoorruimte nodig heeft. Met een flexibele thuiswerkregeling kan de organisatie zich bovendien presenteren als een aantrekkelijke werkgever, waardoor werknemers er graag (blijven) werken en vacatures makkelijker te vervullen zijn.

Bron: HR Rendement

Deel deze pagina:

Aangepaste werk- en rusttijden bij zwangerschap

De werkgever moet naast het recht op kolven of borstvoeding geven ook nog rekening houden met een aantal andere zaken. Zo bepaalt de Arbeidstijdenwet dat werkneemsters recht hebben op aangepaste werk- en rusttijden.

werktijden, zwangerschap, hr, payroll

De werkneemster heeft volgens artikel 4.5 van de Arbeidstijdenwet zowel voor als na de bevalling recht op een aanpassing van de arbeids- en rusttijden. Het gaat hierbij om:

  • regelmatige arbeidstijden en rusttijden;
  • maximaal tien uur arbeid per dienst en gemiddeld 45 uren per zestien weken;
  • extra pauzes tot een achtste van de arbeidstijd;
  • vermijden van overwerk of nachtdiensten;
  • de mogelijkheid tot zwangerschapsonderzoek tijdens werktijd.

Recht op doorbetaling loon

Werkneemsters die zwanger zijn (tool), hebben recht op extra pauze van maximaal een achtste van de arbeidstijd als ze dit nodig vinden. Iemand die acht uur per dag werkt, mag dus een uur extra aan pauze opnemen. De werkgever moet de tijd die de zwangere werkneemster besteedt aan een bezoek aan de verloskundige of aan andere zorg in verband met de zwangerschap doorbetalen. Ook de tijd die de werkneemster kwijt is aan kolven of voeden wordt tot de arbeidstijd gerekend.   

Nadere bepalingen in cao

Tijdens je zwangerschap en tot zes maanden na de bevalling kan de werkgever je niet verplichten om nachtdiensten te draaien. Uitzondering is als je werkgever aannemelijk kan maken dat dit niet van hem of haar kan worden gevraagd. Het kan zijn dat in de cao nadere bepaling staan over werk- en rusttijden tijdens zwangerschap. Zo bepaalt de Cao Ziekenhuizen dat werkneemsters na de derde maand van de zwangerschap geen overwerk mogen doen en geen onregelmatige dienst, bereikbaarheids-, consignatie- of aanwezigheidsdiensten meer draaien. Tenzij de werkneemster dit zelf wel wil.

Bron: HR Rendement

Deel deze pagina:

Awf-premie gaat per 1 augustus 2021 omlaag

Vanaf 1 augustus worden de premiepercentages van de premie voor het Algemeen Werkloosheidsfonds (Awf) voor de rest van het jaar 2021 verlaagd. De verlaging heeft te maken met het vrijvallen van budget, nadat is besloten de baan gerelateerde investeringskorting (BIK) in te trekken.

Het premiepercentage van de lage premie – over het loon van werknemers met een vast contract – wordt verlaagd van 2,7% naar 0,34%. Het premiepercentage over het loon van andere werknemers daalt van 7,7% naar 5,34%. Voor beide premiepercentages geldt dus een daling van 2,36 procentpunt. Het verschil tussen de hoge en de lage Awf-premie blijft wel gehandhaafd op 5 procentpunt.
De verlaging geldt voor het loon dat een werknemer vanaf 1 augustus 2021 geniet. Voor werkgevers die per vier weken de aangifte loonheffingen doen, geldt de verlaging voor loon dat vanaf 16 augustus 2021 (periode 9) wordt genoten. Als een werkgever de Awf-premie van laag naar hoog moet herzien, moet hij het hoge premiepercentage betalen dat gold in het tijdvak waarover hij de eerdere aangifte deed. 

Flinke besparing op de loonkosten

Het demissionaire kabinet heeft deze tussentijdse wijziging onlangs officieel geregeld in een besluit. De verlaging heeft te maken met het budget dat vrijkwam door de intrekking van de BIK. De verlaging van de Awf-premie bespaart werkgevers de komende maanden flink wat loonkosten. Stel dat een werknemer een brutoloon van € 5.500 per maand verdient, dan scheelt dat de resterende vijf maanden van het jaar (5 x 2,36% x €5.500) € 649 Awf-premie. Het maakt geen verschil of de werknemer een tijdelijk of een vast contract heeft. De besparing is in beide gevallen even groot, namelijk 11,8% van het bruto maandloon.

Bron: HR Rendement

Deel deze pagina: