Wet bezava en werknemers ziek uit dienst

Wat zijn de wijzigingen sinds invoering van de Wet beperking ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid vangnetters (Wet bezava) bij werknemers die ziek uit dienst gaan? Hoe zit het met het aantal eigenrisicodragers en wat gaat (niet) goed?

De Wet beza is op 1 januari 2013 ingevoerd. Doel van deze wet is het beroep op de Ziektewet en de WGA door werknemers die ziek uit dienst gaan (eindedienstverbanders), uitzendkrachten en WW’ers te verminderen: de zogenoemde vangnetters.

Belangrijkste wijzigingen

De 2 belangrijkste wijzigingen sinds de invoering van deze wet zijn:

  • de introductie van premiedifferentiatie voor werkgevers; en
  • verkorting van de Ziektewet-duur voor vangnetters die in theorie nog ander werk kunnen verrichten (35-minners op basis van de eerstejaars Ziektewet-beoordeling).

Eindedienstverbanders

In  het UWV Kennisverslag (UKV) 2017-1 staan de eindedienstverbanders centraal. Het beroep op de Ziektewet en WGA voor de invoering van de Wet bezava wordt vergeleken met het beroep na de invoering.

Sinds de aanpassing van de Ziektewet stromen werknemers die ziek uit dienst gaan sneller de Ziektewet uit.

Ontwikkelingen

De volgende ontwikkelingen zijn gesignaleerd:

  • Meer grote werkgevers kiezen ervoor om voor eindedienstverbanders eigenrisicodrager van de Ziektewet te zijn. Het instroompercentage van eindedienstverbanders in de Ziektewet is gestegen. Deze stijging is uitsluitend terug te zien bij grote (uitzend)bedrijven. Bij de kleine en middelgrote bedrijven is er juist een daling.
  • Sinds de invoering van de eerstejaars Ziektewet-beoordeling in 2013, stromen aan het begin van het tweede ziektejaar meer eindedienstverbanders uit dan in de jaren vóór de invoering.
  • Het percentage werknemers dat als eindedienstverbander de WGA instroomt, daalt.
  • 15 maanden na de eerstejaars Ziektewet-beoordeling heeft 32% van de ’35-minners’ werk.

Eigenrisicodrager ZW vooral bij grote bedrijven

Sinds 2003 kunnen bedrijven eigenrisicodrager voor de uitvoering van de Ziektewet worden. De werkgever (of zijn verzekeraar) betaalt dan zelf de Ziektewet-uitkering aan ex-werknemers die bij het einde van het dienstverband ziek zijn.

In 2012 zijn 400 bedrijven eigenrisicodrager voor de Ziektewet, in 2016 zijn dat er 7.900. In totaal telt Nederland 390.000 bedrijven, dus het aantal eigenrisicodragers vormt nog steeds maar een fractie daarvan (2%).

Verzekerde loonsom

Dit is anders als we kijken naar de verzekerde loonsom.

In 2013 valt 7% van de loonsom onder eigenrisicodragerschap voor de Ziektewet. In 2014 stijgt het aandeel fors, naar 24%, in 2015 naar 31% en in 2016 naar 35%. De verwachting is dat het aandeel in 2017 op 40% zal liggen maar dat de toename daarna ieder jaar kleiner zal worden.

Ruim 1 op de 3 werknemers heeft daarmee op dit moment een werkgever die zelf het risico draagt. Kortom: slechts een fractie van de bedrijven is eigenrisicodrager, maar het betreft wel een substantieel deel van de werknemers. Voor UWV betekent dit een afname van het aantal te begeleiden eindedienstverbanders, waarvan er verhoudingsgewijs meer afkomstig zijn van kleine en middelgrote bedrijven.

Wat gaat goed en wat nog niet?

Een deel van de ontwikkelingen strookt met wat de Wet bezava beoogt: het beperken van het beroep op de Ziektewet en de WGA. De uitstroom uit de Ziektewet versnelt en de instroom in de WGA neemt af. Ook de stijging van het aandeel eigenrisicodragers is een in de ogen van de wetgever gewenste verschuiving. Andere veranderingen die met de invoering van de wet verwacht werden, komen (nog) niet uit.

Premieprikkel

De premieprikkel lijkt bijvoorbeeld niet uit de verf te komen in een vermindering van de instroom in de Ziektewet. Bij de bedrijven met de sterkste premieprikkel (de grote bedrijven) stijgt het instroompercentage van eindedienstverbanders zelfs vanaf 2014.

En bij de kleine bedrijven, waar alle bedrijven binnen een sector – ongeacht het individuele beroep op de Ziektewet – dezelfde premie betalen, daalt de instroom.

Verkeerde uitleg beoogde prikkel

Een medeoorzaak van de daling bij kleine bedrijven zou gelegen kunnen zijn in de communicatie over premiedifferentiatie. Soms is ten onrechte de indruk gewekt dat met de invoering van de WGA-flexpremie, alle werkgevers 12 jaar lang de financiële gevolgen voor eindedienstverbanders gaan dragen. Door de verkeerde uitleg van de beoogde prikkel is mogelijk juist bij kleine werkgevers een reactie opgetreden.

Bron: Over Salaris.nl

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website maakt gebruik van cookies.