Individueel Keuzebudget en mogelijk mislopen toeslagen

Staatssecretaris Wiebes van Financiën geeft antwoord op Kamervragen over het Individueel Keuzebudget (IKB) en het mislopen van toeslagen vanwege incidenteel hoger uitvallen van het jaarinkomen.

Het is tussen sociale partners gebruikelijk CAO-afspraken te maken. Het Individueel Keuzebudget (IKB) is daar een voorbeeld van.

IKB-regeling lijkt op cafetariaregeling

Een IKB-regeling heeft in het algemeen gelijkenis met een zogeheten “cafetariaregeling” waarbij werknemers bijvoorbeeld een deel van hun salaris kunnen inzetten voor de aanschaf van een fiets.

Bij een IKB krijgen medewerkers vaak naast hun salaris een vrij besteedbaar budget dat in de plaats is gekomen van onder meer de voormalige vakantietoelage, de eindejaarsuitkering en de financiële tegenwaarde van bovenwettelijk verlof. Dat budget wordt dan vervolgens maandelijks opgebouwd.

Meer keuzevrijheid

Het IKB sluit aan bij de wens van meer keuzevrijheid voor de medewerker en is een volgende stap in de richting van modernisering van arbeidsvoorwaarden. Medewerkers kunnen zelf bepalen aan welke doelen het IKB wordt besteed: uitbetalen, verlof of een (loopbaangerichte) opleiding.

Soortgelijke keuzeregelingen komen ook voor bij de Rijksoverheid en in het bedrijfsleven en worden veelal ook op fiscale gevolgen beoordeeld, waarbij de inspecteur de voorwaarde stelt dat het in een jaar opgebouwde budget ook in de loop van het jaar wordt uitgeput en uiteindelijk aan het eind van het kalenderjaar wordt uitgekeerd.

Recht op toeslagen gekoppeld aan hoogte fiscale (jaar)inkomen

Het recht op toeslagen is gekoppeld aan de hoogte van het fiscale (jaar)inkomen. Dat zijn communicerende vaten. Naarmate het inkomen stijgt daalt het recht op toeslagen. Een IKB heeft overigens in het algemeen niet tot gevolg dat men zijn recht op toeslagen verliest vanwege de voorwaarde dat het in een jaar opgebouwde budget aan het eind van het kalenderjaar uitgekeerd wordt en als zodanig tot het fiscale jaarloon blijft behoren.

Jaarinkomen hoeft niet hoger uit te vallen

Het fiscaal jaarinkomen hoeft door de keuzemogelijkheden die de werknemer heeft binnen het IKB dus niet hoger uit te vallen. Dit geldt temeer omdat de huidige bronnen van het IKB (zoals de voormalige vakantietoelage en de eindejaarsuitkering) voor invoering van het IKB ook al deel uitmaakten van het fiscaal inkomen van de medewerker.

Soms wel hoger jaarloon bij start IKB

Overigens kan bij de start van een IKB incidenteel een hoger jaarloon ontstaan in het geval een in het afgelopen jaar opgebouwde vakantietoelage niet “ingevaren” wordt in het budget in het geval dat sprake is van een maandelijkse opbouw. Sociale partners spreken dan af dat die opbouw, die gebruikelijk in mei wordt uitgekeerd, al in december wordt uitgekeerd.

Privésituatie, salaris en keuzes werknemer bepalend

Het verlies of de vermindering van toeslagen kan hoe dan ook niet los worden gezien van de privésituatie van de medewerker, de hoogte van zijn salaris en de keuzes die hij maakt in een IKB.

De keuzevrijheid in een IKB stelt de medewerker in staat de bronnen naar eigen keuze te besteden om daarmee naar wens het fiscaal inkomen te verhogen door uitbetaling van salaris vanuit het IKB, maar ook het fiscaal inkomen niet te verhogen door van het IKB verlofuren te kopen of een loopbaangerichte opleiding te betalen.

Mogelijkheden in de werkkostenregeling

Werkgevers kunnen bovendien de mogelijkheden in de werkkostenregeling binnen IKB gebruiken om het besteedbaar inkomen van de medewerker te verhogen. Van een forse afname van het besteedbaar inkomen hoeft dus geen sprake te zijn.

Fiscaal jaarinkomen is maatstaf bij draagkracht burger

Het is een bewuste keuze van de wetgever geweest om het fiscale jaarinkomen als maatstaf te kiezen voor wat betreft de in aanmerking te nemen draagkracht van de burger. Als er sprake is van een incidenteel hoger jaarinkomen dan is zijn draagkracht in dat jaar ook overeenkomstig hoger waardoor de bijdrage van de overheid in de kosten voor huur, zorg en kinderen afneemt omdat de belanghebbende dan deze kosten beter zelf kan dragen. Op dit uitgangspunt wil de staatssecretaris geen inbreuk maken.

Bron: Over Salaris.nl

Deze website maakt gebruik van cookies.